Het komt wel goed.

Lang leve de zomer en de buiten. Er wordt bij ons gevallen en gevochten, er wordt geklommen en veel te roekeloos gesprongen – er wordt gegraven naar dino’s en soms als de put groot genoeg is worden er kruiwagens water naartoe gesleurd (een zwembad gaan ze maken – of een zee, voor die piratenboot die nog getimmerd moet worden). Er worden spelletjes gespeeld met ingewikkelde regeltjes. Er worden kikkers gevangen en op hoofden gezet (het zijn jongens, dus kussen heeft geen zin). Er worden wedstrijdjes georganiseerd. Er wordt in hangmatten geschommeld en tegen bomen geplast. Er worden knuffels tegen bomen gebonden (piraten moeten nu éénmaal af en toe een gevangene vast’hangen’) en naar vliegtuigen gezwaaid. En steevast komt daar om de 10 à 15 minuten een klein intern (soms fysiek behoorlijk gewelddadig) dispuut bij kijken. Ik probeer mij niet te bemoeien. Ik tracht los te laten. De schrammen worden geplakt, de wonden gekust, de tranen weggeknuffeld. En in the end, vinden zij toch vooral elkaar het leukste… Het komt wel goed. Zolang het niet eindigt op de spoedafdeling is er niets om je zorgen over te maken, probeer ik mezelf zoveel mogelijk wijs te maken. Maar nu groeien er twee baby’s in mijn buik. Een kleine broer én kleine zus bij. Maar ze lijken nu al véél handen op één buik. dus het komt wel goed. Toch?

Al zal ik mijn eigen “wijze” raad volgend jaar nog wel eens komen herlezen vermoed ik :-)…

De komende verdubbeling!

Ik hou ze nog even privé deze postjes. Dit zijn de zaken uit mijn privé-leven die ik pas later wil delen – nu wil ik ervan genieten in alle anonimiteit van mijn eigen wereldje. Maar ik wil ze wel opschrijven. Want ik wil nooit vergeten.

Twee baby’s in de buik. 28 weken nu al. Wie had dat ooit kunnen denken. Ik alleszins nooit.

Rechts zit Little Miss Sunshine, links zit Little Mister Happy. Dat is al van bij het begin zo en zou ook niet veranderen volgens de dokter. Als ik natuurlijk zou kunnen bevallen (duimen!) dan zou zij eerst geboren worden.

Ik voel ze al bewegen vanaf een week of 12, echt ontzettend vroeg dat weet ik, maar het is echt zo! Zeker Little Miss Sunshine heeft in al die maanden amper stilgezeten. Als ik op basis van hun bewegingen een inschatting mag maken van hun toekomstige karaktertjes, dan is zij een dappere, hevige dame en dan is hij een rustige, gezapige jongen. Hij beweegt namelijk rustig, hij draait zich wat rond – allemaal erg beheerst. Maar zij… Zij stampt en duwt en keert zich om en om (ze ligt ook elke keer anders bij de controles)… Mijn rechterflank heeft het dan ook wat harder te verduren.

Hij is wat groter. Hij woog vorige keer +/- 1.170 kg, terwijl zij nog 1.080 kg woog. Op 26 weken was dat volgens de gyn een perfect gewicht voor beiden.

Wat mij betreft verloopt de zwangerschap goed, maar maak ik me voortdurend zorgen. Ik kan er eigenlijk niet zo goed van genieten, want ben altijd dubbel ongerust: zijn ze wel gezond, bewegen ze nog groeien ze genoeg, kan ik ze lang genoeg houden… Op dat vlak zal ik deze zwangerschap het minste missen… Maar ze moeten wel nog een hele tijd blijven zitten. Daar probeer ik alles voor te doen.

Het zal wat zijn. Zeker nu Kleine Prins en Kleinere Prins samen ontdekt hebben hoe ze af en toe lekker stout kunnen zijn. Kleine Prins durft niet zoveel, maar stookt zijn broertje op. Die ziet er allemaal geen graten in en doet gewoon wat hem gevraagd wordt, of dat nu straf oplevert of niet… En plezier dat ze dan hebben… Wij wat minder, helaas. Wij zien op zo’n momenten voornamelijk doemscenario’s: hoe kan dat ooit lukken met vier zo’n kapoenen?

En toch tellen we af. En zijn we dolgelukkig dat mijn lichaam precies op dat moment beslist heeft om twee eitjes ineens te lossen. Hoe dat ene moment ons hele leven er anders heeft doen uitzien. Nu al…

 

 

 

 

Ik heb het te lang stilgehouden…

Omdat ik er zelf nog van moest bekomen.

Wij breiden uit. En we doen dat ineens meer dan goed, denk ik.

Er groeien namelijk twee kleine baby’tjes in mijn buik. Twee! Zet u neer en adem in, adem uit, adem in, adem uit… Of dat effect had dat nieuws toch op mij.

Maar blij dat we zijn! Vier koters in huis, wie had dat ooit in ons gezien?

We zijn nu 25 weken gevorderd in de zwangerschap, momenteel gaat het allemaal goed. Het is een heel ander gevoel om zwanger te zijn van een tweeling, dubbel zoveel zorgen, dubbel zoveel gewicht, maar ook dubbel zoveel stampjes en plezier.

Ik geniet volop en hoop uit de grond van mijn hart dat ze nog vele weken flink blijven zitten en groeien… Dat we ze binnenkort mogen verwelkomen als ze beiden groot en sterk genoeg zijn om geboren te worden. Dat ze ons huishouden op een prettig gestoorde manier helemaal overhoop halen.

Dat wij gelukzakken zijn. Dat is het. Daar moet ik af en toe nog wat van bekomen.

Dingen die ik leuk vind waar anderen vaak minder dol op zijn…

Het komt niet als een verrassing, dus toen ik deze post vandaag las, kon ik het niet laten…

Dingen die ik leuk / lekker vind waar anderen vaak minder dol op zijn:

– oesters. Ik zou ze altijd kunnen eten!

– rock werchter, of andere puberale festivals. Ik ben er misschien allang uitgegroeid, but I loooove them. Mij enkele dagen per jaar onderdompelen in puberaal gedrag, even doen alsof er geen kinderen thuis op mij wachten, in de wei liggen, vettige hapjes eten, muziek langs alle kanten, bier overal te koop (terwijl ik tijdens het jaar nooit bier drink – wijn wel uiteraard). Love it!

– werken vind ik ook best leuk.

– helemaal alleen zijn. Ik geniet van me-time. Een zaterdagavond, kids in bed, man de deur uit en ik helemaal alleen voor televisie… Geen kat die mij daar wegkrijgt. Call me boring, but I really need it every once in a while.

– nagelbijten. Lelijk, i know, maar zo verslavend.

– kinderkleren wassen, drogen, opplooien. Makes me feel like such an adult 🙂 En ik geraak ervan vertederd. Hoe cute kunnen boxershortjes voor peuters eigenlijk zijn?!

– aan mijn tenen prutsen. Uit het zicht van anderen weliswaar. Ik zou uren aan mijn tenen kunnen prutsen 🙂

– een zak snoep op eten in de auto. Het ultieme comfort-food-moment…

Maar dit heb ik uiteraard niet zomaar op het wereldwijde web gegooid. Stel je dat eens voor zeg…

Dingen die ik niet leuk vind waar anderen (vaak) dol op zijn…

Met dank aan lilith voor de inspiratie, hieronder een lijstje van dingen waar ik eenvoudigweg de fun (nog) niet van inzie. Maar ik ben vaak makkelijk te overtuigen…

– U2. Geen idee wat daar nu zo bijzonder aan is.
– Gevulde weekends vol etentjes en brunchen. Ik houd van rust. Ik zie mijn vrienden heel graag, maar wil maar één social event per weekend. Ik heb tijd nodig om thuis te bekomen… Zij begrijpen dat intussen allemaal heel goed. Waarvoor dank!
– Aardbeienyoghurt. Eigenlijk alle fruityoghurt.
– Aardbeienijs.
– Small talk. Ik ben er niet goed in en ik houd er niet van.
– Strings. De onderbroeken, ja. Lelijk en zéér oncomfortabel.
– Jeans dragen. Zeker als vrouw. Wat een ondingen. En hoe onelegant kan ik er eigenlijk uitzien? (Ik spreek me hier niet uit over anderen, ik vind het meestal best mooi – maar bij mezelf? Bweirk).
– Babyborrels. Sorry, maar ik vind het gewoon niet zo fijn. Je krijgt amper tijd om met de ouders te praten, laat staan om de baby te bewonderen. Je eigen koters neem je mee (ahja, het loopt daar meestal vol kindjes), dus je bent al blij als je ze heelhuids terugvindt én als ze ’s avonds niet misselijk worden van alle zoetigheden die ze overal gevonden of genomen hebben. No fun for me on a sunday-afternoon… Ik hoop dat niemand mij dit kwalijk neemt.
– 4/5e werken. Ik heb het nog niet geprobeerd maar op dit moment zegt het mij niets, ik ben één en al chaos op zo’n vrije dag denk ik. En zou me voortdurend verplicht voelen ‘iets in het huishouden te doen’. Misschien binnenkort, als de kinderen er echt deugd van zouden hebben, voor hen alles uiteraard.
– ‘Wish you were here’ van Pink Floyd. I really don’t get it. Tot spijt van mijn man…

En plezierig dat dat is…

Sinds dit weekend slapen de Kleine Prinsen samen op één kamer. Niet uit plaatsgebrek, wel omdat ik daar zelf zo’n goede herinneringen aan heb.

En plezierig dat dat is! Ze babbelen honderduit voor ze gaan slapen (en wij knijpen een oortje dicht) en hebben veel pret.

Vooral Kleine Prins lijkt minder last te hebben van “bang voor het donker” sinds zijn stoere kleine broer de avond aan elkaar babbelt… Op één avond lag Kleine Prins al in een diepe slaap, terwijl Kleinere Prins nog honderduit aan het vertellen was.

Ik ga niet zeggen hoe de nachtrust zelf verloopt (remember mijn eerdere advies), maar het slapengaan is gezellig.

Ik herinner mij hoe fijn ik het vroeger zelf vond om bij mijn zus te mogen slapen en hoe ik – nadat we bij een verhuis elk een eigen kamer kregen – tijdens het weekend mijn matras over de gang naar haar kamer versleepte. En plezierig dat dat was!

Volwassen zijn heeft ook wel iets.

Een rustige nacht (of mocht ik dat niet zeggen), een lekker kopje koffie, en een leeg hoofd klaar om gevuld te worden met gedachten, bedenkingen, indrukken en helaas ook werk. Maar meer heb ik vandaag niet nodig om me goed te voelen.

De Kleine Prinsen waren vrolijk vanochtend. Kleine Prins speelt een spelletje op de telefoon van mama (nadat hij dat beleefd heeft gevraagd) terwijl wij ons douchen en klaarmaken. Kleinere Prins wordt gewekt door Kleine Prins en mag erbij komen zitten. Gezellig gekeuvel daar op dat bed, veel liefde voor elkaar – tussen de occasionele krabben of beten door. Zo horen ochtenden te zijn.

Boterhammetjes smeren, fruitje klaarmaken, boekentas vullen tussen enkele tovertrukken door (Kleine Prins heeft morgen circusvoorstelling op school en is al de hele week mini-voorstellingen aan het geven).

De verdwijntruk vanochtend was machtig:
“Niet kijken mama. Hocus Pocus Pats, ik wou dat ik weg was” (uitstervend stemmetje en voetstapjes richting gang)
“Je mag kijken” (klinkt van heel ver weg.)
Moh! Ik zie niemand! Supertruk, echt.

Het is fijn zo.

En soms besef je dan, dat we een écht gezinnetje zijn. Zotjes. En zalig, dat vooral.

Volwassen zijn heeft eigenlijk ook wel iets. Heel veel zelfs. Het heeft even geduurd voor ik dat wou toegeven, maar bij deze werd ik eigenlijk gewoon fan, van dat volwassen zijn.

Een waarheid als een koe.

Ik las deze blog (een aanrader!). En mijn writer’s block verdween als sneeuw voor de zon. Eindelijk! Jammer dat het met een klaagpostje is. Maar een postje it is. Met zéér kostbaar advies bovendien.

Stoef niet over de goede nachtrust van je kinderen. Onder geen beding. Want zodra je de woorden uitspreekt, verandert er iets in hun slaappatroon. Wat zeg ik, verdwijnt hun slaappatroon.

Wij hebben altijd al één behoorlijk slechte slaper in huis. De oudste. Maar dat zijn we gewend – al vragen we ons heel vaak af hoe hij dat doet, de dag zo vrolijk doorkomen met zo weinig slaap. Terwijl wij onze wallen van de grond moeten schrapen en de vermoeidheid bestrijden met meerdere tasjes – gelukkig heerlijke – espresso.

Maar die jongste. Daar mogen we dus nooit meer over stoefen. Onder geen beding. Want ik had de woorden nog maar uitgesproken of zijn oogjes sprongen open, zijn geest werd wakker en zijn stemgeluid heeft de hele nacht de buurt wakker gehouden. Uiteraard was hij vanochtend moe. En lastig.

Terwijl hij er op andere ochtenden zo vrolijk uit kan zien (en dit ook effectief is). Ik zal het bewijzen.
08u00
Dit was een ochtend – 08u00 – i kid you not.

Dus. Nooit stoefen. Onder geen beding. Slapen ze goed? Neen. Worden ze vaak wakker? Ja. Standaard antwoord, vanaf nu!

Een eigen taaltje.

Geweldig toch, hoe kleintjes hun taal ontwikkelen.

Kleinere Prins spreekt eerder in klanken dan in woorden (voorlopig, daar ga ik vanuit!):

pa (= pakken, uiteraard met de obligate uitgestrekte armpjes en de handjes die nog wat extra druk leggen door urgente grijpbewegingen te maken – anyone would understand this one), nnnnn (= Kleine Prins), papa & mama (loud & clear), tita (= Kinta, de schattigste en meest luie hond ever maar vooral op één of andere manier het absolute kameraadje van Kleinere Prins – echt een duo die twee), wa (= water), oeioeioeioeioei (spreekt voor zich – denk erbij een behoorlijk gevoel voor dramatiek :-)), pi (= kippen), paa (=paardjes), ba (= bal), bumbajou (= bumba), tsitsjieuw (= vogel – deze is mijn favoriet!), fesh (= fles), …